De ontwikkeling van het socialisme van utopie tot wetenschap (Engels 1886)/4

III. De ontwikkeling van het socialisme van utopie tot wetenschap (1886) door Friedrich Engels

IV.

Aanhangsel: De Mark
Uitgegeven in 's-Gravenhage door B. Liebers & Co.
[ 54 ]
 

IV.

 

Vatten wij ten slotte den gang der ontwikkeling kort te zamen:

I. Middeneeuwsche maatschappij: produktie in het klein door het individu. Produktiemiddelen ingericht voor privaatgebruik, dus onbeholpen, klein, dwergachtig. Produktie voor onmiddellijk verbruik, hetzij van den producent zelven, hetzij van den feodalen heer. Alleen daar waar een overdaad van produktie is boven dat verbruik, wordt dit te verkoop aangeboden en wordt geruild: warenproduktie dus in 't ontstaan; maar reeds heeft zij in kiem in zich de anarchie in de maatschappelijke produktie.

II. Kapitalistische Revolutie: verandering der industrie eerst door middel van eenvoudige koöperatie en fabriekmatige arbeid. Koncentratie der tot hiertoe verstrooide produktiemiddelen in groote werkplaatsen en daardoor hun verandering uit produktiemiddelen van het individu in maatschappelijken—een verandering, die geen betrekking heeft op den ruilvorm in het algemeen. De oude vormen van toeëigening blijven van kracht. De kapitalist treedt op: in zijn eigenschap als eigenaar der produktiemiddelen eigent hij zich ook de produkten toe en maakt ze tot waren. De produktie is een maatschappelijke handeling geworden; de ruil en tevens de toeëigening blijven individueele handelingen; [ 55 ]het maatschappelijk produkt wordt toegeëigend door privaatkapitalisten. Voornaamste tegenspraak, waaruit alle anderen ontspruiten, waarin de hedendaagsche maatschappij zich beweegt en die de grootindustrie aan 't licht brengt.

A. Scheiding van den producent van de produktiemiddelen. Veroordeeling van den arbeider tot levenslangen loonarbeid. Tegenstelling van proletariaat en bourgeoisie.
B. Het toenemend te voorschijn treden en de aangroeiende werkzaamheid der wetten, die de warenproduktie beheerschen. Onbeteugelde konkurrentiestrijd. Tegenstelling van de maatschappelijke organisatie in de enkele fabriek met de maatschappelijke anarchie in de gezamenlijke produktie.
C. Aan de eene zijde volmaking der machine, door de konkurrentie gemaakt tot dwang over elken fabrikant en gepaard gaande met het steeds toenemend aantal arbeiders dat buiten dienst raakt: industrieel reserveleger. Aan de andere zijde onbeperkte uitbreiding der produktie, eveneens dwangwet der konkurrentie voor elken fabrikant. Aan beide zijden overdaad van aanbod boven de vraag, overproduktie, overvulling der markten, krisis om de 10 jaar, gebrekkige cirkelgang: overvloed hier van produktiemiddelen en produkten—overvloed daar van arbeiders zonder werk en zonder bestaansmiddelen; maar deze beide hefboomen der produktie en van de maatschappelijke welvaart kunnen niet samenvallen, omdat de kapitalistische vorm van produktie de produktieve krachten verbiedt te werken, de produkten te cirkuleeren, tenzij ze zich eerst van tevoren ín kapitaal veranderd hebben, wat juist hun eigen overdaad verhindert. [ 56 ]
De tegenspraak is gestegen tot ongerijmdheid: de produktiewijze komt in opstand tegen den ruilvorm. De bourgeoisie is overtuigd van haar onbekwaamheid, om verder haar eigen maatschappelijke, produktieve krachten te leiden.
D. Gedeeltelijke erkenning van het maatschappelijk karakter der produktieve krachten zelfs door de kapitalisten. Toeëigening der groote produktie- en verkeersorganismen, eerst door vennootschappen, dan door den staat. De bourgeoisie betoont zich als overbodige klasse; al haar maatschappelijke verrichtingen worden nu vervuld door bezoldigde personen.

III. Proletarische revolutie, oplossing der tegenstelling: het proletariaat neemt de openbare macht ter hand en verandert door middel van die macht de maatschappelijke produktiemiddelen, die ontglipt zijn aan de bourgeoisie, in openbaar eigendom. Door deze handeling bevrijdt het de produktiemiddelen van hun eigenschap als kapitaal en geeft aan hun maatschappelijk karakter de volle vrijheid om zich te ontwikkelen. Een maatschappelijke produktie naar vooraf bepaald plan wordt nu mogelijk. De ontwikkeling der produktie maakt het verder bestaan van verschillende klassen tot een anachronisme. Naarmate de anarchie der maatschappelijke produktie verdwijnt, slaapt ook het politiek gezag van den staat in. De menschen, eindelijk heer van hun eigen wijze van samenleving, worden daardoor tevens heer der natuur, heer over zichzelven—vrij.

Het is de geschiedkundige taak van het moderne proletariaat om deze wereldbevrijdende daad te volbrengen. Het is de taak van de proletarische beweging van theoretisch standpunt, d.w.z. van het wetenschappelijk [ 57 ]socialisme, om de geschiedkundige voorwaarden daarvan en tevens haar natuur zelve te grondvesten en zoo de voorwaarden en de natuur van haar eigen handelen tot bewustzijn te brengen aan de tot handelen geroepen, nu onderdrukte klasse.