Diemer of Watergraafsmeersche Courant/1782/Nummer 93/Nederlanden

‘Nederlanden’ door een anonieme schrijver
Afkomstig uit de Diemer of Watergraafsmeersche Courant, maandag 5 augustus 1782, [p. 1]. Publiek domein.
[ 1 ]

NEDERLANDEN.

’s HAGE den 3 Augustus. De Staaten van Holland en Westvriesland zullen hunne beraadſlaagingen aanſtaanden Woensdag wederom hervatten.
De Heeren Gedeputeerden der Stad Leyden hebben voorleeden Woensdag, zoo men verneemt, in de Vergadering van Holland een zeer breede en nadrukkelyke Memorie ingeleeverd, tendeerende om eene klaare opening van zaaken, omtrent de reden van de Inactiviteit van Hollands Zeemagt, van den Heere Prince Erfſtadhouder te vorderen, met openlegging van de gegeevene Orders en gehouden Correspondentie met de Commandanten der Vlooten en Schepen van Oorlog, en de Admiraliteiten; en dit alles zeer duidelyk en klaar op eene Interrogatoire wyze volgens de Letteren van het A B C. Deeze zeer geroemde ſtap van Vaderlandsliefde werd niet alleen van Schiedam aanſtonds aangenoomen, om ’er mede in te ſtemmen; maar Dordrecht bedankte Leyden zeer plegtiglyk over deeze daad, en zal dat voorbeeld met alle de Stemhebbende Steden, in de aanſtaande Week ter Concluſie brengen, en, zoo men verzekert, zullen ze alle het zelve volgen. Geen wonder, want de noodzaakelykheid brengt het vuur al te naa aan de ſcheenen, en het is klaarblykelyk, dat, indien de Werkeloosheid niet geſtuit wordt, de Engelschgezinden aan de Britten wederom een Jaar uitſtel zullen geeven met den Hollandſchen Oorlog; want de Vereenigde Vloot zal tegen den 15 Augustus het Canaal ontruimen, en dan hebben wy de Engelſche Vloot voor de Wal, en de onze wederom opgeſlooten, als niet magtig genoeg om tegen dezelve te beſtaan.
Men geeft uit, dat by de Staaten van Holland, in ’t vervolg de zelfde regel zal gehouden worden omtent het benoemen van Miniſters aan Buitenlandſche Hoven, die ter hunner repartitie ſtaan, als by de begeeving der Ampten van Drost van Muiden en Gooyland, Kaſtelein van Woerden enz. enz., is in acht genomen; zoo dat de bekende voorſlagen, voor deezen daar omtrent gewoon, geen plaats meer zouden hebben.
Heden loopen hier twee Geruchten: Het eene al ſedert 2 a 3 dagen, en dat is, dat de Schout by nacht van Kruynen en de Capitein Story nog nader zoude ondervraagd worden voor een Raad, omtrent het voorgevallene op de Kusten van Zeeland, de vertooning namelyk van vreemde Schepen, die ſommigen nog ſtaande houden, dat Vyandelyke Schepen geweest zyn. Het andere gerucht is, dat de Hertog van Wolfenbuttel, Veldmarſchalk, den 7 deezer aan Mevrouw do Princes, op haaren Geboortedag een bezoek van felicitatie zoude koomen afleggen. Beide geruchten zyn van dien aart, dat men ze opgeeft voor ’t geen ze zyn, en de bevestiging daar van aan den tyd overlaat.
Wat de aanſtaande ontruiming der vereenigde Vloot uit het Canaal betreft; de Engelſchgezinden laaten niet na om ’er hun Verraderlyk gebruik van te maaken, en agterdocht te willen verwekken tegen onze Vrienden de Franſchen en Spaanſchen; door uit te ſtrooijen, dat dit eene verleiding is, waar door zy ons de Engelſchen alleen op den hals willen ſchuiven; doch hunne listige uitſtrooiſels hebben zoo zeer hun crediet verlooren, dat zy geen den minſten ingang meer vinden. Want het is klaar, en dat begrypt elk, dat die beide Mogendheden hun begonnen Plan niet kunnen opofferen om het verzuim, dat door Engelſchen invloed in deeze Landen plaats heeft; dewyl men hier al lange in ſtaat hadt kunnen zyn, om op zyn eigene beenen te kunnen ſtaan; ja indien men voor den Oorlog de Vaderlandſche Propoſitie hadt aangenoomen, van eene Convenable magt in Zee te brengen, zoude Engeland zich wel gewagt hebben van ons den Oorlog aan te doen.
NB. Uit gebrek van Plaats, kunne wy de toegezondene Stukken niet plaatſen, doch in onze volgende Nommer.