Pagina:Album der Natuur 1860.djvu/276

Deze pagina is proefgelezen
250
PHONOGRAPHIE.

phonautograaf een toestel zijn, waarvan men den cylinder slechts door een uurwerk in beweging behoefde te houden of door een op dezelfde wijze voortbewogene lange papierreep te vervangen, om daarvan eene melodie, die men in de nabijheid daarvan zingt of op eenig muziekinstrument speelt, geheel opgeschreven te verkrijgen, zij het dan ook in eene taal, die nog eenige toevoegselen aan het instrument zou vereischen om gemakkelijk leesbaar te zijn. Maar behalve dat het vlies, om eens eene voor muziekinstrumenten zeer gebruikelijke uitdrukking te bezigen, volstrekt niet vlug aanspreekt, ligt ook nog eene veel grootere zwarigheid in het gebruik van het tonvormig vat, dat de werking der luchttrillingen op het vlies wel is waar zeer versterkt, maar volstrekt niet evenzeer voor b.v. de verschillende toonen zelfs van een en hetzelfde octaaf. Die versterking ontstaat namelijk door het medetrillen der luchtkolom in dit vat, en het is iederen natuurkundige bekend, dat dit medetrillen alleen dan met eenige kracht geschiedt als er tusschen de lengte dier luchtkolom en de hoogte des toons eene bepaalde verhouding bestaat.

Het savartsche vlies, met de schrijfstift en den cylinder van duhamel verbonden, ziedaar dus den geheelen phonautograaf. Beschouwt men dien nu als een werktuig voor natuurkundige onderzoekingen, dan kan niemand daaraan eenige en misschien eene vrij aanmerkelijke waarde ontzeggen; veelligt zal hij nog eens in de handen van een bekwamen proefnemer het middel worden tot belangrijke ontdekkingen, zooals hij reeds gediend heeft tot het nader bevestigen van vroeger langs anderen weg door proefneming gevondene of daaruit afgeleide wetten en verschijnselen. Zoo geeft, om een enkel voorbeeld te noemen, dezelfde toon of hetzelfde accoord in karakter en bijzonderheden onderling zeer en op zeer opmerkelijke wijze verschillende golvende lijnen op den cylinder, al naar dat die door de menschelijke stem, door een cornet à piston, door een oboe etc. zijn voortgebragt. Maar als men den toestel in werking ziet, na daarvan gelezen te hebben, dat hij "aanleiding zal geven om de stenographie op een nieuwen grondslag te vestigen," dat hij "aan het geschreven woord de uitdrukking zal geven, die er nog aan ontbreekt, en die daaraan vroeger alleen door declamatie kon bijgezet worden," zooals