Pagina:DeOntwikkelingVanHetSocialisme (Engels 1886).djvu/72

Deze pagina is proefgelezen

68

evenals de Keltische Clan-adel nog in de Iersche grondgemeenschap. En zij heeft in 't geheele leven der Duitschers zulke diepe wortels geslagen dat wij het spoor daarvan stap voor stap terug vinden in de ontwikkelingsgeschiedenis van ons volk. In den ouden tijd bestond de geheele openbare macht in vredestijd uitsluítend in rechtspreken en zij berustte bij de volksvergadering in de honderschap, in de gaue, in den geheelen stam. Het volksgericht echter was slechts het volks-markengericht, toegepast op gevallen die niet alleen markaangelegenheden waren maar die binnen het bereik vielen van de openbare macht. Ook toen met de ontwikkeling van de regeling der gauen de staatkundige gaurechten gescheiden werden van de algemeene markgerichten, bleef in beide gevallen de rechterlijke macht bij het volk. Eerst toen de oude volksvrijheid reeds in sterk verval was en de gerechtelijke dienst naast den krijgsdienst een drukkende last werd voor de verarmde vrijen, eerst toen kon Karel de Groote bij de gaugerichten in de meeste streken de volksgerichten vervangen door de schepenrechtbanken.[1] Maar dit had in 't geheel geen betrekking op de markgerichten. Dezen bleven integendeel zelfs nog voorbeelden voor de leengerechtshoven der middeneeuwen; ook daarin was de leenheer alleen de vraagsteller maar de vonnisvellers waren de leenmannen zelven. De dorpsregeling is slechts de markregeling van een zelfstandige dorpsmark en gaat over in een stedelijke regeling zoodra het dorp veranderde in een stad, d.w.z. versterkt werd door muren en grachten. Uit deze oorspronkelijke regeling der stedelijke marken zijn alle


  1. Dit is de zuivere jury, waarin geen rechtsgeleerden zitting hadden en waar ook de president geen stem had, neen waar alleen de schepenen rechtspraken.