Pagina:De Duinen en Bosschen van Kennemerland, Van Eeden 1868.djvu/123

Deze pagina is gevalideerd

105


Familie.
C. leporina L. Lage grasgronden; hier en daar.
C. vulgaris Fries. Id.
C. trinervis Degl. Duinvlakten.
C. stricta Good. Waterkanten, bij de duinen.
C. acuta L. Id. id.
C. praecox. Jacq. Vochtige grasgronden.
C. panicea L. Id. id.
C. glauca Scop. Vochtige grasgronden.
C. Oederi Ehrh. Id. duingronden; zeldzaam.
C. Pseudocyperus L. Waterkanten.
C. ampullacea Good. Id.
C. paludosa Good. Id.; algemeen.
C. riparia Curt. Id.; id.
C. hirta L. Vochtige zandgronden; waterkanten.
Gramineae. Panicum glabrum Gaud. Bebouwde zandgronden; hier en daar.
P. Crus Galli L. Moesgrond; duinen; zeldzaam.
Setaria viridis P.B. Bebouwde zandgronden; hier en daar.
Phalaris canariensis L. Vuilnishoopen, wegen, onbestendig.
P. arundinacea L. Waterkanten.
Hierochloa odorata Wahl. Id. in veenachtige streken.
Anthoxanthum odoratum L. Weilanden, bosschen, algemeen.
Alopecurus pratensis L. Id., id.
A. agrestis L. Tuingronden, hier en daar verspreid.
A. bulbosus L. Op muren; zeldzaam.
A. geniculatus L. Lage weilanden, slibgronden.
Phleum arenarium L. Duinen; hier en daar talrijk.
Ph. pratense L. Weilanden, wegen.
β nodosum Prodr. Fl. Bat. Wegen; hier en daar.
Agrostis stolonifera L. Bouw- en weilanden, enz.
δ maritima Koch. Zeeduinen.
A, vulgaris With. Weilanden; bosschen; algemeen.
Apera Spica venti L. Graanlanden.
Calamagrostis Epigeios Roth. Duinen, algemeen.
C. Halleriana DC. Op een muur; zeldzaam.
Psamma arenaria R.S. Duinen, algemeen; aangeplant.
Milium effusum L. Oude bosschen.
M. scabrum Merlet. Hakhout op zand; zeldzaam.
Phragmites communis Trin. Waterkanten; duinpannen; algemeen.
Koeleria cristata Pers. Duinen; hier en daar talrijk.
β gracilis Koch. Boschjes en wegen, duinkant.
Aira caespitosa L. Begroeide waterkanten.
Corynephorus canescens P.B. Duinen, algemeen.
Holcus lanatus L. Weilanden, wegen, algemeen.
H. mollis L. Hakhout.
Arrhenatherum elatius M. et K. Beschaduwde grasgronden.
β bulbosum Koch. Hakhout.
Avena pubescens L. Zand- en duingronden; bosschen; hier en daar talrijk.
A. flavescens L. Grazige plaatsen.