Pagina:De ademhaling der planten (1878).djvu/8

Deze pagina is gevalideerd
4
DE ADEMHALING DER PLANTEN.

het gebouw kunnen worden opgetrokken, waarvoor de bizondere wetenschappen de bouwsteenen leveren.

Naar mijne innige overtuiging is deze vrees van allen grond ontbloot. Ja, zij schijnt mij toe te getuigen van een zeer geringe bekendheid met de geschiedenis onzer wetenschappen. Wel is waar hebben er ten allen tijde velen aan het empirisch onderzoek deelgenomen, wier belangstelling zich tot den engen gezichteinder van hun eigen studievak beperkte, doch aan dezen is het niet, dat de snelle vooruitgang te danken is. Daarentegen vindt men bij de meest uitstekende natuuronderzoekers van alle tijden steeds een open blik voor alles, wat ook buiten hun eigen vak belangrijks ontdekt wordt. Voortdurend volgen zij den voortgang der geheele natuurwetenschap op den voet, en in de ontdekkingen die op schijnbaar vreemd gebied gedaan worden, vinden zij niet zelden de aanleiding tot eigen empirische studiën. Zóó wordt de band tusschen de verschillende vakken steeds nauwer aangehaald, en kan de grondslag gelegd worden voor de ontdekking van die algemeene wetten, die niet slechts voor enge groepen van verschijnselen gelden, maar de geheele natuur omvatten. Aan de toepassing van deze verheven beginselen, aan het bewustzijn van deze innige betrekking tusschen alle vakken van natuurstudie, hebben wij de ontdekking der belangrijkste natuurwetten te danken. Zij zijn het, die ons de onvergankelijkheid van stof en kracht leerden kennen. Zij voerden op het gebied der bewerktuigde natuur tot de ontdekking, dat de verschijnselen van het leven overal aan een zelfden drager gebonden, overal aan dezelfde algemeene wetten onderworpen zijn.

Ik heb mij voorgenomen heden tot u te spreken over deze onderlinge samenwerking der natuurwetenschappen. Het