Pagina:Keulemans Onze vogels 2 (1873).djvu/353

Deze pagina is gevalideerd
 

DE OORFAZANT.

CROSSOPTILON AURITUM.


Eerst sedert eenige jaren is deze sierlijke vogel in Europa bekend geworden en, te oordeelen naar de menigten, die men nu in diergaarden en bij vogelliefhebbers aantreft, zal hij zeker spoedig algemeener zijn, dan de Goud- of Zilverlaken-Fazant. Althans is hij reeds in het laatste vijftal jaren zoo menigvuldig geworden, dat er in sommige diergaarden jaarlijks tot 40 stuks geboren worden.

Onder de vogelliefhebbers zijn tal van anecdoten in omloop betreffende de wijze, waarop deze vogel het eerst hier te lande werd verkregen, en onder welke toevallige omstandigheden hij bekend werd. Gelijk het echter met zulke zaken meer gaat, is het getal dergenen onnoemelijk, die beweren, het eerst dezen vogel in hun bezit te hebben gehad; maar juist daarom is ook aan al die beweringen weinig of geen waarde te hechten.

Te Londen zag men voor het eerst in 1866 levende exemplaren van dezen vogel; zij waren uit China aangevoerd, en van diezelfde voorwerpen zijn en worden nog jaarlijks jongen voortgeteeld. Omstreeks dienzelfden tijd verkreeg men ze ook te Parijs, Amsterdam en Rotterdam, waar zij natuurlijk toen nog als iets zeer zeldzaams werden beschouwd. In 's Rijks Museum van Natuurlijke Historie te Leiden was slechts een opgezet individu aanwezig, 'twelk mede kort te voren uit Parijs was verkregen en nog onder de zeldzame Fazanten geteld werd.

Weinig vogels zijn zoo schielijk en onder zulke gunstige omstandigheden verspreid geworden, als de Oorfazant, en het zou voor de vogelliefhebbers zeker van groot belang zijn, dat de twee overige Crossoptilon-soorten even gemakkelijk voortteelden.

Ten opzigte van den algemeenen vorm des vogels, kan men hem tusschen de Pluimhoenders (Lophophorus) en de Fazanthoenders (Gallophasis) rangschikken.