Pagina:Ornithologia Neerlandica 1.djvu/251

Deze pagina is proefgelezen
139
 

Genus Branta Scopoli.

 

Scopoli, Ann. I Hist. Nat. 1769, p. 67.

 

Snavel minder krachtig dan bij Anser, korter dan de kop; hoorntandjes op de zijranden bij gesloten snavel niet zichtbaar. Halsbevedering niet van in de lengte loopende groeven voorzien, of deze beperkt tot een kleine witte vlek aan weerszijden van den hals. De soorten van het genus Branta bewonen de koude streken van het noordelijk halfrond. In ons land zijn 4 soorten waargenomen.

 

Tabel ter bepaling der soorten.

1. kop geheel zwart, zonder wit voor of achter de oogen; boven- en
onderstaartdekvederen even lang als of langer dan de staartpennen .....
Br. bernicla.
kop gedeeltelijk wit; boven- en onderstaartdekvederen korter dan
de staartpennen................................................................................
2
2. vleugellengte grooter dan 415 mm ....................................................... Br. canadensis.
vleugellengte korter dan 415 mm ....................................................... 3
3. voorhals bruin ....................................................... Br. ruficollis.
voorhals zwart ....................................................... Br. leucopsis.