Architectura/Jaargang 5/Nummer 31/Prijsvragen

‘Prijsvragen. Programma’s der prijsvragen, uitgeschreven door het genootschap voor het jaar 1897-1898’ door een anonieme schrijver
Afkomstig uit Architectura, jrg. 5, nr. 31 (zaterdag 31 juli 1897), p. 143-145. Publiek domein.

[ 143 ]

PRIJSVRAGEN. pro­gram­ma’s der prijs­vra­gen, uit­ge­schre­ven door het ge­noot­schap voor het jaar 1897-1898.
1e prijsvraag. een win­kel­ge­bouw met kan­toor­lo­ka­len.

Prijs f 100. Premie f 50.
Tijd van inlevering donderdag 3 maart 1898, vóór 12 uur v.m.

2e prijsvraag. een over­dekte zee- en ri­vier­visch­markt in een pro­vin­cie­stad.

Prijs 60. Premie f 40.
Tijd van inlevering donderdag 3 februari 1898, vóór 12 uur v. m.

3e prijsvraag. een ka­mer­ameuble­ment.

Prijs f 50. Premie f 20.
Tijd van inlevering donderdag 3 februari 1898, vóór 12 uur v. m.

algemeene voorschriften.
De ontwerpen moeten op uur en datum hierboven genoemd vrachtvrij zijn ontvangen door den 1en Secretaris van het genootschap architectura et amicitia, American Hotel, leidsche plein, amsterdam.
Bij alle ontwerpen moet gevoegd zijn een verzegelde naambrief en een correspondentieadres om zoo noodig met den ontwerper in briefwisseling te kunnen treden.
Alle teekeningen of stukken die bij de inzending behooren moeten in den rechterbovenhoek voorzien zijn:
1o. van het motto waaronder het ontwerp is ingezonden.
2o. van eene nauwkeurige opgave van het jaartal, den datum van inzending, van het nummer en de soort der prijsvraag.
De naam van den ontwerper mag op de teekeningen of bijgevoegde stukken niet voorkomen.
De teekeningen moeten op wit papier worden uitgevoerd binnen een rand groot 0,35 × 0,50; 0,50 × 0,70 of 0,70 × 0,98.
Wanneer aan bovenstaande voorschriften niet is voldaan blijven de ontwerpen buiten beoordeeling.
De jury heeft het recht om ingeval geen bekroning kan worden toegekend, de beschikbare gelden geheel of gedeeltelijk te verdeelen tusschen die ontwerpen welke volgens haar oordeel recht op belooning hebben.
Juryleden zijn de heeren jac. van straaten, w. kromhout czn. en j. l. m. lauweriks.

PRIJSVRAAG I. kantoorgebouw.

Het bouwterrein wordt ondersteld gelegen te zijn met 2 gevels op den hoek van een hoofdstraat en eene hoofdgracht te amsterdam, terwijl de derde gevel is gelegen aan eene straat van 8 Meter breedte. De overige zijden van het terrein worden gevormd door belendenden perceelen.

De verdieping gelijkstraats is bestemd voor 3 winkels en moet bovendien bevatten den hoofdingang met trappenhuis, personenlift en portiersloge van de hierna te noemen kantoorlokalen. [ 144 ]
Ieder der 3 winkels moet behalve een volledig goed ver­licht sousterrain voor magazijnruimte een klein kantoortje of kamer bevatten voor den chef, vanwaar deze een goed overzicht over zijn zaak kan houden. Een behoorlijk ver­lichte trap moet voor iedere winkel afzonderlijk naar de entresol voeren, waar de woning is gelegen. Deze woning moet bestaan uit een woonkamer van minstens 25 M²., twee slaapkamertjes en een keuken, terwijl deze vertrekken zoo mogen gelegen zijn dat aan de gevelzijde ruimte voor magazijn en eventueel voor etalage overblijft.

Boven deze entresol worden verlangd 2 verdiepingen met kantoren, welke kantoren zoowel afzonderlijk als gecom­bineerd kunnen verhuurd worden en welke door ruime, goed verlichte gangen toegankelijk zijn. Het oppervlak van ieder kantoor mag niet minder dan 20 M². bedragen, terwijl klei­nere ruimten, mits doelmatig gelegen als spreek- of wacht­kamer kunnen dienst doen. Een vergaderzaal moet voorts op de onderste kantoorverdieping aanwezig zijn.
Een zolderverdieping behoeft slechts in zooverre ontwor­pen te worden als noodig is voor een ruim fotografisch atelier met wachtkamer en verder toebehooren benevens eene woning voor den concierge, bestaande uit 3 vertrekken.
Voor de kantoren, winkels, woning enz. de noodige pri­vaten aan te brengen.
Bij het ontwerpen van dit gebouw moet er in hoofdzaak op gelet worden de indeeling zoodanig te maken, dat het doel van den bouw, nl. zooveel mogelijk huur te trekken, bereikt wordt, waarin tevens ligt opgesloten dat een en an­der solide doch zonder overbodige luxe moet worden be­handeld.
De gevels moeten gedacht zijn hoofdzakelijk van baksteen, waarbij toepassing van hardsteen, zandsteen of graniet ge­oorloofd is.

Er wordt verlangd:
1o. De plattegronden van alle verdiepingen, de 3 gevels en 2 doorsneden op een schaal van 1 à 100.
2o. Een detail van den gevel en een détail van het trap­penhuis der kantoren op een schaal van 1 à 20.
3o. Een perspectivisch aanzicht der gevels.

PRIJSVRAAG II. een over­dek­te zee- en ri­vier­visch­markt in een pro­vin­cie­stad.

Het terrein wordt ondersteld te zijn gelegen op een groot plein (± 2.— M. boven den waterstand), hetwelk aan eene zijde begrensd is door eene breede gracht.
De inrichting moet bestaan uit:

a.
Eene ruime hal van ± 600.— M².
b.
Een kantoor voor den marktmeester van ± 10.— M².
c.
Een kantoor voor den keurmeester van ± 10.— M².
d.
Een kantoor voor den opzichter van ± 10.— M².
e.
Een bergplaats voor banken, bakken, stoelen enz. van ± 10.— M².
f.
Twee locaaltjes voor privaten en waterplaatsen elk van ± 10.— M².
g.
Een afslag- en losplaats tusschen het gebouw en de gracht, op het smalste gedeelte breed 5.— M¹.
h.
Een lossteiger langs de afslagplaats breed 1.50 M¹.

De hal moet aan elken gevel een ruimen afsluitbaren toegang hebben; aan de afslagplaats met eenige kleinere toegangen, naar behoeften vermeerderd, voorzien zijn van:
4 Aquariums voor levende visch; met glazen voor­plaat.
4 Fonteinen of pompen met reservoirs daar­voor. Uitstaltafels met hardsteenen dekplaten, breed 0.60 M¹., hoog 0.85 M¹., wraarachter 1.50 M¹. breede ruimte voor den verkooper, daarachter een aanvoergang van pl.m. 1 M. breed, gevormd door een 0.90 M¹. hooge scheering of eenvoudig hekwerk.
De hoofdgang of doorloop moet 5.— M¹. breed zijn en van den lange voor- naar den achtergevel mid­den door de hal gaan, als verbinding met de achter gele­gen afslagplaats. Ook de breedte van de hal wordt door een doorloop of gang van 3.— M. breedte in tweeën verdeeld.
De looppaden voor het publiek tusschen de wanden en tafels, even als die tusschen twee tafels, moeten 3.— M¹. breed zijn.
De locaaltjes b, c, d, e en f moeten hunne af­sluitbare toegangen hebben binnen het gebouw of de hal.
De locaaltjes b, c en d moeten voorzien zijn van een kleer- en plankenkast, een lessenaar met boekberging, een tafel, twee stoelen en een loket hebben uitkomende in de hal.
De locaaltjes f moeten elk verdeeld zijn in een mannen- en vrouwen-afdeeling, voorzien van privaten en waterplaatsen en afzonderlijke toegangen hebben. Zij mogen niet aan een zelfden gevel gelegen zijn.

[ 145 ]De afslagplaats g moet tusschen het gebouw en de gracht gelegen; aan beide einde door een gesmeed ijzeren hekwerk met dito deuren, hetwelk 1 M¹. over het water uitsteekt, van den weg afgesloten zijn. Hieronder moeten waterdichte kelders en regenbakken worden aan­gebracht, de eerste tot berging van visch en ijs.
De steiger h langs de afslagplaats gelegen, pl.m. 1.75 M. boven den waterstand en met de einden pl.m. 1 M¹. van de hekken verwijderd zijn.
Alle toegangen tot het gebouw moeten tochtvrij zijn.
De vloer van de hal moet minstens 0.50 M¹. boven de omliggende straat gelegen en zonder trappen te bereiken zijn.
De vloeren der locaaltjes b, c, d, e en f, 0.15 M¹. boven die van de hal.
Onder de uitstaltafels door moeten breede goten loopen, met makkelijk te reinigen en stankvrije putten aan de einden. De vischafval mag niet in deze gaten worden afgevoerd, maar moet in bakken opgevangen en zoo ver­wijderd kunnen worden.
De hal- en gangvloeren van steen, moeten met tonrondte afloopend naar de goten worden gelegd.
De hal, bijgebouwtjes en kelders moeten ruim verlicht en geventileerd zijn, zonder dat zon of wind last kunnen veroorzaken.

Verlangde teekeningen:
Minstens twee gevels op de schaal van 1 à 100.
Plattegrond van het gebouw enz.idem.
Plattegrond van de keldersidem.
Een lengte- en een breedte doorsnedeidem.
Een voornaam detail van de gevels, schaal 1 à 20.
Een idem idem van het inwendigeidem.
De teekeningen uit te voeren in zwarte inktlijnen.

PRIJSVRAAG III.

Gevraagd een ontwerp voor een kamer-ameublement be­stemd voor dagelijksch gebruik en daarom eenvoudig van karakter en niet kostbaar in uitvoering. Soort van hout en bekleeding vrijgelaten.
Verlangd worden:

a. Teekening stoel schaal
b. tafel
c. bergingsmeubel
d. Van elk stuk details op ware grootte,
duidelijk de con­structie aangevenden.

De behandeling der teekeningen wordt vrijgelaten.