Bij den dood van Mateotti, Frank van der Goes 1939

Bij den dood van Mateotti van Frank van der Goes
'Bij den dood van Mateotti' werd oorspronkelijk gepubliceerd in Het Volk in 1924. De hier weergegeven tekst is ontleend aan Uit het werk van Frank van der Goes, gepubliceerd in 1939 te Amsterdam bij De Wereldbibliotheek N.V.. Dit werk is in het publieke domein.


[ 351 ]
 

BIJ DEN DOOD VAN MATEOTTI.[1]

 

De moord van Mateotti[2], den Italiaanschen socialist, is het antwoord geweest van de fascisten op de oppositie door zijn fraktie onmiddellijk na heropening van het parlement tegen de diktatuur van Mussolini hervat. Niet voor niets heeft het fascistische partijbestuur verklaard, dat het in de Kamer de voortzetting van de oppositie niet zou dulden. De eerste Kamerzittingen en dit besluit, schreef onze korrespondent in zijn gisteren opgenomen brief, geven duidelijk te kennen wat er zal gebeuren als de minderheid op deze wijze zou willen voortgaan. En maar al te vlug zijn de onheilspellende woorden bewaarheid: Mateotti, een der leiders van de minderheid, betaalde reeds zijn edele onverschrokkenheid met zijn leven.... "Sedert twee jaar weet niemand van ons als hij 's morgens van huis gaat, of hij 's avonds nog zal leven".... Dit zeide de nu vermoorde strijder enkele maanden geleden, toen hij zijn geestverwanten van de Weener "Arbeiterzeitung" bezocht, en letterlijk zoo heeft de wraak van de Mussolini-knechten zich aan hem vergrepen: op straat werd hij overvallen en in een auto ontvoerd naar de plaats waar zijn lichaam op een onbeschrijflijke manier mishandeld een paar dagen later gevonden is. Dat de handlangers van de diktatuur in hem den woordvoerder van de Kamerminderheid hebben willen treffen, kan niet betwijfeld worden. Mateotti had de vorige week een rede uitgesproken, zijn eerste als vertegenwoordiger van de socialistische partij in het nieuwe parlement, waarin hij de fascistische verkiezingen—als een reeks van misdrijven: bloedige terreur en onbeschaamde vervalsching, ontmaskerde. Het was o.a. deze aanval die de dolle woede wekte van de aldus ten aanhoore van het geheele land gestrafte regeeringsvrienden, die aan deze schurkerijen hun meerderheid danken in het schijnparlement van Mussolini. Men heeft in onzen Italiaanschen brief kunnen lezen hóe zij door beleedigingen en bedreigingen de sprekers van de oppositie tot zwijgen poogden te brengen, hoe zij door rumoer en [ 352 ] lichamelijk geweld de zitting verstoorden. Sedert dit optreden was Mateotti's leven verbeurd, het regende dreigbrieven aan zijn adres, waarin hem een herhaling van den aanslag werd toegezegd, die hem reeds in 1921 met minder ernstige gevolgen had getroffen. In één der berichten wordt gesproken over schriftelijk materiaal, dat zijn vijanden, voor verdere onthullingen vreezende, hem afhandig wilden maken. Helaas lieten zij het niet bij de verhindering van een Kamerrede, zij brachten den spreker, van wien zij wel wisten, dat hij op geen andere wijze tot zwijgen gedwongen kon worden, voor altijd tot stilte. Mateotti, een der bekwaamste en meest begaafde aanvoerders van de arbeidersbeweging in Italië gedurende dit moeilijkste van alle tijdvakken in haar geschiedenis, zal niet tevergeefs het offer gebracht hebben van zijn leven. Het voorbeeld van medemenschen, die in den dienst van een goede zaak tot het uiterste toe het gebod volgen van hun geweten, gaat nooit verloren. Maar in de tegenwoordige politieke gesteldheid van zijn land heeft Mateotti, door zich om niets anders te bekommeren dan zijn plicht, een buitengewoon kostbaar voorbeeld gegeven. Zijn leven en sterven herinnert de wereld, dat het openbare leven in het Italië van Mussolini nog andere elementen bevat dan geweldenarij en bandietisme of vreesachtigheid en berusting in rechtsverkrachting en misdaad. Mussolini zelf en zijn fascisten wordt het weer toegeroepen, dat zelfs hun heerschappij niet almachtig is, dat zij de kwalijk gewonnen vruchten van hun bloedige kampagne tegen de demokratie niet ongestoord zullen genieten zoolang zij nog niet al haar woordvoerders hebben uitgemoord, dat tenminste het socialisme nog wrekers voortbrengt om met den dood voor oogen het fascisme aan te klagen en te straffen. Zichzelf en hun stelsel bloot te geven aan een kritiek, welke van de parlementaire tribune uit, ondanks alle belemmeringen door een niets ontziende meerderheid, op de publieke opinie haar werking niet zal kunnen missen—of wel de oppositie den mond te snoeren zooals thans met onzen Mateotti is gebeurd: dat de diktatuur geen andere keus heeft wordt door den [ 353 ] nieuwen fascistenmoord nogmaals wereldkundig gemaakt.

De sterke politieke uitwerking van de misdaad blijkt wel uit de laatste berichten, al kan de strekking nog niet precies worden vastgesteld. De nieuwe onthulling van den waren aard van het regeerstelsel komt blijkbaar voor Mussolini en zijn helpers, voor allen wien het fascisme aanzien en voordeel heeft gegeven, ten hoogste ongelegen. Dat de diktator dezen doodslag niet heeft bevolen of gewild, kan men daarom wel gelooven. Zijn wensch was reeds lang de vruchten van de reeks van misdrijven, door hem gepleegd in zijn strijd om de macht, niet slechts in vrede, maar in alle eer en aanzien te genieten. Als hij daarbij te werk had willen gaan, zoodat de gevolgen van zijn vroegere daden zooveel mogelijk werden hersteld, zou men van iemand van Mussolini's talenten nog het beste hebben kunnen hopen. Maar hij heeft eenmaal zijn talenten in dienst van de slechtste zaak gesteld: de uitroeiing van de volksvrijheden door een gewelddadig schrikbewind. En de waarheid is dat Mussolini, al verwacht hij zonder dagelijksche moorden de op die wijze verkregen macht te kunnen uitoefenen, er niet aan denkt het schrikbewind op te geven. Zijn parlement, benoemd door een kieswet die zelf de bespotting is van alle demokratie, is niets anders dan een middel om met demokratische vormen het wezen van de terreur te vereenigen. En niet tevreden met den wettelijken drang door een minderheid van het kiezersvolk daarmee uitgeoefend, gebruiken de volgelingen van Mussolini ook nu nog dezelfde middelen waarmee zij de overwinning hebben behaald, waarmee zij bij de stembus de uitwerking van zelfs deze kieswet wisten te vervalschen en waarmee zij de overgebleven oppositie blijven vervolgen. Juist nu hij meent dat men misschien vergeten zal, en in den president-misdadiger van het konstitutioneele koninkrijk Italië den aartsmisdadiger niet meer herkennen, herinnert de moord op Mateotti dat dit de manier is om zich van tegenstanders te ontslaan waarvan hij het duizendvoudig herhaalde voorbeeld heeft gegeven. Mateotti door zijn aanhangers vermoord is voor Mussolini gevaarlijker [ 354 ] nog dan diens dapper woord in de raadszaal ooit had kunnen zijn. Zulke offers kost de strijd tegen Mussolini, zulke daden kweekt de strijd voor Mussolini; deze waarheid blijft voor altijd de wreed gesloten wond van den edelen socialist verkondigen. En zelfs als het den medeplichtigen van Mussolini gelukken mocht het lijk van Mateotti onvindbaar te maken, zal die stem blijven spreken en nieuwe strijders bezielen totdat de vergelding eindelijk zegeviert.

Voorden staatsman en regeerder Mussolini is geen vergiffenis, maar Mateotti's naam blijft leven in de dankbare herinnering van de menschen zoolang zij de heugenis zullen bewaren over dezen zwaren tijd.

 

  1. Voor het eerst gepubliceerd in Het Volk (1924).
  2. Bedoeld is Giacomo Matteotti (1885-1924), Wikisource-Ed.